Geplaatst op 19 mei 2022

De deelnemingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting is niet van toepassing op liquidatieverliezen. Dat betekent dat een liquidatieverlies in mindering komt op de winst van de moedermaatschappij van de deelneming. Een liquidatieverlies is een verlies op een deelneming dat tot uitdrukking komt nadat de deelneming is ontbonden. Er kan echter geen liquidatieverlies worden genomen als recht geldt op een vorm van tegemoetkoming bij de belastingheffing ter zake van onverrekende verliezen van het ontbonden lichaam.

Volgens Hof Den Haag moet op het tijdstip van de liquidatie van de deelneming worden beoordeeld of er recht op enige vorm van tegemoetkoming voor de onverrekende verliezen bestaat. Het hof kwam tot dat oordeel in een procedure over het liquidatieverlies dat is geleden op een Ierse deelneming. De Ierse deelneming had voor haar liquidatie een deel van haar verliezen ter compensatie overgedragen aan andere Ierse groepsmaatschappijen in het kader van de Ierse "group relief"-regeling. De staatssecretaris van Financiën heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van het hof. De Advocaat-generaal (A-G) bij de Hoge Raad heeft een conclusie aan deze materie gewijd.

De A-G ontleent aan de parlementaire geschiedenis van de beperking van de liquidatieverliesverrekening dat deze is bedoeld om oneigenlijk gebruik in de vorm van dubbele verliesaftrek tegen te gaan. De wetgever heeft de de toepassing van de bepaling niet willen beperken tot een liquidatieverliesregeling elders. Volgens de A-G volstaat enige mogelijkheid voor verliesverrekening in de buitenlandse wetgeving bij een verbonden vennootschap. Daaronder valt de Ierse "group relief"-regeling. Deze regeling voorkomt of verkleint een toekomstig liquidatieverlies bij de verliesvennootschap door de overdracht van verliezen aan groepsvennootschappen. De groepsvennootschappen kunnen de overgedragen verliezen verrekenen met hun winsten.

De beperking van de liquidatieverliesverrekening komt er volgens de A-G op neer, dat als lokaal enige regeling geldt voor verliezen van de deelneming, die niet bij haar zelf verrekend kunnen worden, Nederland het liquidatieverlies niet overneemt. De conclusie van de A-G is dat het cassatieberoep van de staatssecretaris gegrond is.

Bron: Hoge Raad | Conclusie AG | ECLINLPHR2022361, | 11-04-2022

Deel dit bericht

Bel voor meer informatie

0412 – 45 90 00

of wij bellen u

Gerelateerde berichten

  • Kabinetsreactie beleggingsinstellingen

    Op Prinsjesdag 2022 heeft het kabinet aangekondigd, dat een fiscale beleggingsinstelling per 1 januari 2024 niet meer direct in vastgoed mag beleggen. Deze maatregel wordt uitgesteld tot 1 januari 2025. Dit is bekend gemaakt in de kabinetsreactie op

  • Wetsvoorstel tijdelijke solidariteitsbijdrage fossiele sector

    De staatssecretaris van FinanciËn heeft een wetsvoorstel ter invoering van een tijdelijke solidariteitsbijdrage voor de fossiele sector naar de Tweede Kamer gestuurd. Deze belasting is een extra heffing om de overwinsten als gevolg van de gestegen

  • Geen afwaardering van vorderingen die bij overname niet volwaardig waren

    De Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalt dat iedereen, die is uitgenodigd tot het doen van aangifte, verplicht is aangifte te doen. Wanneer de aangifteverplichting door een belastingplichtige niet wordt nagekomen, ook niet na hieraan te zijn